Het vraagstuk van gebedsgenezing

Waarom is en blijft gebedsgenezing zo actueel?

In christelijke middens vind je heel uiteenlopende meningen en reacties als het gaat om gebedsgenezing (te verstaan: de georganiseerde diensten of ook afzonderlijke afspraken met gebedsgenezers): men is razend enthousiast, of men kijkt de kat uit de boom en is er voorzichtig mee, of men sluit de deur volledig af voor deze zaken.

De vraag die dan nogal eens gesteld wordt is: Wat is er dan toch verkeerd mee om genezing te verwachten van Jezus voor lichamelijke en psychische ziekten en klachten? Hij genas toch velen, het was een heel duidelijk en vooropstaand onderdeel van zijn bediening op aarde, zo klinkt het. En is Jezus dan veranderd vandaag? Zou Hij nu niet meer willen genezen dan?

Het is een uitdaging om na te gaan waarom dit vraagstuk zovelen bezighoudt. Het is namelijk zo dat lichamelijke en geestelijke ziekten, handicaps, klachten enz. een enorme impact hebben op ons leven. Ziekte is iets dat ons leven overhoop gooit, waarbij ons lichaam en onze geest zwaar op de rem gaat staan, en wij geconfronteerd worden met grote beperkingen in ons functioneren, en misschien wel rechtstreeks oog in oog staan met de dood. Of het gebeurt met mensen heel dicht bij ons. Het zit in ieder van ons: hoe vlugger we er vanaf zijn, hoe liever. En dan zien we dat ziekte de normale gang van zaken verstoort.

Kijk maar naar de enorme industrie die de zorgverstrekking voor zieken geworden is: van huisarts tot universitair ziekenhuis, al de medische apparatuur, vervaardigen en verkoop van medicijnen… er zijn onvoorstelbare sommen geld mee gemoeid. En kijk maar hoeveel geld er ingezameld wordt in de strijd tegen kanker, HIV, …

Het diepe probleem bij ziek-zijn is dat we er zo goed als geen controle over hebben, althans niet naar onze voldoening. Jawel, we hebben onze dokters, specialisten, ziekenhuizen, medicijnen, enz. Maar is dit voldoende voor ons? Waarom is gebedsgenezing zo levendig aanwezig dan? Ook bij alle moderne geneeskunde blijft het dikwijls een kwestie van bang afwachten, hoe gaat dit of dat medicijn reageren, hoe snel kan mijn lichaam de bacteriën de baas, welke schade richt dat virus nu eigenlijk aan…??? En hoe dikwijls is de uitleg van de dokter allesbehalve geruststellend en zelfs nog maar duidelijk… en hoe dikwijls worden er niet verkeerde diagnoses gesteld… Hoe dikwijls heeft de geneeskunde gewoon geen antwoord?

Het is dan ook menselijk om te reiken naar oplossingen die (in onze ogen) wél controle hebben over onze gezondheid. En voor christenen is dat uiteraard: God. We willen dan ook graag dat God ons probleem oplost, want wij zijn mensen en heel beperkt, en God is God. En daarbij houdt Hij dan ook nog van ons. Hij wil toch niet dat wij lijden? Dus dat is dan toch de oplossing: God geneest?

Wat vertelt de Bijbel ons?

Merkt u al hoe ons idee over God wordt ingevuld? Hij is degene die onze problemen oplost. Dat is een thema dat steeds weer terugkeert, niet enkel in het verband met gebedsgenezing. Maar dat is niet wat de Bijbel ons vertelt! De Bijbel vertelt ons dat wij een “juridisch” probleem hebben: wij zijn zondaars, en daarom schuldig tot de dood; en God houdt zoveel van ons dat Hij de prijs voor onze zonden Zelf betaald heeft door het offer van Zijn Zoon aan het kruis. Ten tweede vertelt de Bijbel ons dat wij door het geloof in Jezus Christus ingaan tot het gezin van God; Hij is dan onze Vader. En dit staat in de context van een stapsgewijze verandering (zeg maar: opvoeding): ons leven dat steeds meer gaat gelijken op dat van Jezus Christus. We groeien naar Zijn beeld toe. Dit alles staat NIET in de context van een probleemloos leven zonder enige tegenwind. Jezus heeft benadrukt dat wie Hem volgt, vervolgd zal worden (Johannes 15: 20-23).

Een heel goed artikel dat het onderwerp van gebedsgenezing belicht is: “Is Healing in the Atonement?” van David W. Cloud (hier) (vertaald op website van Marc Verhoeven: “Is Genezing in de Verzoening begrepen?” (hier)). Hierin wordt o.a. ook het argument behandeld dat Jezus onze ziekten op het Kruis gedragen heeft: “door Zijn striemen is ons genezing geworden” (Jesaja 53:5). De schrijver benadrukt hierbij dat er sprake is van een “geestelijke” genezing; maar bij dit vers moeten we steeds in gedachten houden dat Jezus ons inderdaad behouden heeft door de straf voor onze zonden op zich te nemen, maar dat Hij ook effectief en daadwerkelijk ziekten heeft genezen toen Hij op aarde was. Spijtig genoeg wordt dit laatste doorgetrokken naar de huidige tijd: Jezus zou op dezelfde wijze blijven genezen…

Een getuigenis

Ik heb zelf ooit een genezingsdienst bijgewoond, tijdens een pinksterconferentie in Nederland, uit pure nieuwsgierigheid. De gebedsgenezer herhaalde steeds maar weer volgende Bijbelverzen: “Gaat heen en boodschapt Johannes wat gij hoort en ziet: blinden worden ziende en lammen wandelen, melaatsen worden gereinigd en doven horen en doden worden opgewekt en armen ontvangen het evangelie” (Mattheüs 11: 4, 5). Daarbij stelde hij dat wat Jezus toen deed, Hij ook nu nog steeds doet; dat Jezus niet veranderd is. Op dat moment stelde ik mijzelf niet teveel vragen bij het gebruik van deze Bijbelverzen, maar wel wat het voor mij zou betekenen als ik van mijn bijziendheid verlost zou worden. Ook al is bijziendheid een lichamelijke tekortkoming die omzeggens amper nog een probleem vormt, toch schrok ik ervan hoe sterk dat gevoel was bij het zich voorstellen geen bril meer te moeten dragen. Ik begon dus mee te bidden op de achtergrond, maar er gebeurde (uiteraard) niets. Het was toen ook helemaal niet duidelijk of er tenslotte iemand in de zaal waarlijk genezing ontving; er werd veel geroepen en hardop gebeden, er werden genezingen geclaimd, maar het was allemaal heel rommelig en luidruchtig.

Wat mij bijbleef is hoe sterk die wens in mij leefde om genezen te zijn, al was het maar van bijziendheid. En dan begreep ik ook dat “gebedsgenezing” voortdurend de kop zou blijven opsteken in en rond christelijke middens.

Maar dat is zeker geen reden om te stellen dat wij ons naar gebedsgenezing, zoals het in zalen, via grote acties en ook op kleinere schaal wordt aangeboden, zouden uitstrekken. De Bijbel vertelt wél over gebedsgenezing in Jacobus 5: 14-18, zij het in een heel specifieke setting (een zieke die zelf genezing vraagt, en dit aan de oudsten, en mét belijdenis van zonden).

En wat dan met al deze genezingen die Jezus verrichtte? Zie Mattheüs 4: 23-25: “En Hij trok rond in geheel Galilea en leerde in hun synagogen en verkondigde het evangelie van het Koninkrijk en genas alle ziekte en alle kwaal onder het volk.” De genezingen gebeurden in aansluiting op zijn onderwijs en de verkondiging van het evangelie. Daarna vroegen mensen ook in grote getale genezing aan Jezus, wat heel begrijpelijk was, en Jezus genas hen allen. Maar de overgrote meerderheid kwam niet naar hem omwille van Zijn onderwijs, maar puur voor de genezing.

De Schrift vertelt ons dat de bediening van Jezus in de eerste plaats het leren was, in de synagogen en in de tempel, en op heel wat andere plaatsen. En de genezingen en uitdrijvingen van demonen waren de wonderen en tekenen die de leer van Jezus, dat Hij de Zoon van God was, bevestigden, want Hij leerde voornamelijk over Zichzelf en de Vader. Maar het leren op zich is natuurlijk niet zo spectaculair en het lijkt ons (lichamelijk) welzijn niet direct te verbeteren. Wat zijn we toch met onszelf bezig…

Gebruik van Bijbelverzen

Daarbij moet nogmaals vermeld worden dat zovele sprekers in deze diensten gebruik maken van slechts enkele geïsoleerde verzen uit de Bijbel, en daarop heel hun bediening baseren. Laat ons maar eens teruggaan naar Mattheüs 11: vers 4 en 5 vertellen ons inderdaad wat Jezus Zelf zei over Zijn machtige bediening. Maar waarom wordt vers 6 steevast weggelaten? “En zalig is wie aan Mij geen aanstoot neemt”. Wat betekent dit vers nu na een opsomming van de genezingsactiviteiten die Jezus verrichtte? Hoe kan iemand aanstoot nemen aan Jezus als Hij die iemand net verlost heeft van een slopende ziekte? Wat wou Jezus nu eigenlijk zeggen tegen Johannes? En let wel: Jezus heeft deze Johannes NIET uit zijn penibele toestand gered; Johannes heeft zelfs de dood gevonden. Kort gezegd wou Jezus duidelijk maken Wie Hij was, en waardoor dat duidelijk werd. Vele profetieën in het Oude Testament vertelden hoe de Messias van Israël te herkennen was als Hij kwam, en daar hoorde genezing bij (zie o.a. Jesaja 29: 18, 19, herkent u het? – en dan is het geweldig om dit Schriftgedeelte dieper te onderzoeken!), en Jesaja 35: 5, 6 (= profetie over 2de komst van Christus). Dat was voldoende voor Johannes, die in een kerker zat, de dood voor ogen zag en was beginnen twijfelen aan de ware identiteit van Jezus. Jezus was de Zoon van God, dat liet Hij zien door wat Hij deed, maar dat betekende niet dat Hij alle problemen van zijn volgelingen hier en nu oploste.

Uiteindelijk zou die claim dat Hij de Zoon van God was, velen tegen Hem in het harnas jagen, ook al had hij zovele mensen genezen. Het is daarom heel kort door de bocht om deze verzen te gebruiken om aan te tonen dat Jezus toen en ook nu nog altijd geneest. Daar gaat het dus hier helemaal niet om. Het gaat om iets heel anders: Jezus genas om te bewijzen Wie Hij was. En zelfs heel die menigte genezen mensen is Hem niet blijven volgen, zie maar naar wat er gebeurde met de tien melaatsen (Lucas 17: 11-19).

Resultaten van gebedsgenezing?

De resultaten van gebedsgenezingsdiensten e.d. zijn nog steeds niet van die aard dat men algemeen kan zeggen: ziekte kan en wordt genezen via gebedsgenezing, altijd en overal. In heel veel gevallen blijven mensen gebroken en verweesd achter. Als er geen genezing heeft plaatsgevonden, krijgen ze dikwijls te horen dat hun geloof tekortgeschoten heeft. Dat is heel pijnlijk en verwarrend, want het is NIET de mate van ons geloof dat genezing brengt! Anders zitten we in de stroom van het “positief denken”: dan moet ik het zelf (maar weer) onder controle krijgen.

Zo heb ik een zuster in mijn vroegere gemeente gekend, die op 40-jarige leeftijd het verdict van levensbedreigende kanker had gekregen. Welmenende broers en zusters hebben alle zeilen bijgezet en er een gebedsgenezer bijgehaald. Geen resultaat. Toen een broeder en ikzelf nog maar gewoon aanboden om samen met haar te bidden (niet als gebedsgenezers, maar uit ons hart), werd dit voorstel pertinent geweigerd: er was te veel ontgoocheling en bedroefdheid mee gemoeid. De hoop die er was geweest, was niet ingelost.

Besluit

Mijn hoofdargument om u te doen nadenken bij gebedsgenezing is: wie staat er centraal in deze genezingsdiensten? De Heer? Of uzelf? Zelfs in Jacobus 5 vanaf vers 14 spreekt over een combinatie van een vraag tot gebed voor genezing én het belijden van zonde. Komen wij misschien wel heel snel naar onze Heer toe als het gaat om verbetering van onze gezondheidstoestand, maar heel wat trager als het gaat om het belijden van onze zonden (wat veel meer genezing voor onze zielen zou brengen)?

Laten wij toch niet zo los omgaan met Gods Woord, en gewoon met enkele verzen onze eigen agenda’s invullen. Laten wij er bewust van zijn dat onze eigen oude “ik” heel graag God inschakelt in ons eigen kleine programma, en dat Gods programma veel groter en ruimer en dieper is dan we ons kunnen voorstellen. Lees bv. Jesaja 42 eens door: hierin wordt de genezing van blinden en doven door de Messias aangekondigd, volledig in het kader van een geestelijke genezing (zie in het bijzonder verzen 18 t/m 20).

God wil ons ten diepste genezen, van onze zonden, maar ook van onze zondige natuur, en Hij heeft daarvoor alles al volbracht – aan het Kruis en door de opstanding.

Ziekten en dood zullen spoedig verdwijnen, maar nu nog niet. Maar dat houdt ons niet tegen om onze Heer recht te leren kennen, wat uiteindelijk eeuwig leven is!

“Dit nu is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enige waarachtige God, en Jezus Christus, die Gij gezonden hebt.” (Johannes 17: 3)

Stan