Nie wieder…

Niet weer… maar is dat realiteit?

27 januari, de bevrijdingsdag van kamp Auschwitz in 1945, wordt sinds 2006 officieel door de VN erkend als herdenkingsdag aan de Jodenvervolging in de Tweede Wereldoorlog, en uitgeroepen tot “International Holocaust Memorial Day”, een dag waarop je stil kan staan bij de verschrikkingen die het nazisme gebracht heeft. Het is belangrijk dat we deze gruweldaden steeds weer, generatie op generatie, onder de aandacht brengen.

In dit artikel wil ik waarschuwen voor een groot gevaar. Het is allemaal zo overdonderend dat ik soms de woorden niet vind, maar ik zal trachten een indruk te geven van wat er momenteel in België (en bij uitbreiding in Europa ) gaande is. Het gevaar is dubbel: het islamiseren van onze Westerse wereld, en het evidente gevolg: het toenemende antisemitisme. De Joden moeten eruit. We herdenken de Holocaust, we zeggen “nie wieder”, maar de praktijk toont andere zaken. Onze Joodse vrienden waarschuwen ons, maar we zijn ziende blind. Een verwittigd man is er twee waard, zegt het spreekwoord. Kom dus achteraf niet zeggen, dat u het niet geweten hebt…

Aan het einde van dit artikel vindt u wat teksten terug die begrippen als islamisering, holocaustontkenning, antisemitisme, vrije meningsuiting (je suis Charlie) verklaren.

Ik wil enkele nieuwsfeiten aanhalen uit 2014, gebeurtenissen, die op zich niets met elkaar te maken hebben, maar typerend zijn voor de tijd waarin we leven, dingen die gebeurd zijn in de hoofdstad van België, een land dat de mond vol heeft van vrijheid, vrije meningsuiting, multiculturalisme, pluralisme, enz. Dat zijn allemaal hele mooie woorden, die we graag in de mond nemen, maar dekken deze woorden nog de realiteit? Steken we onze kop liever in het zand, en geloven we de sprookjes die we zelf schrijven?

Deze feiten geven de realiteit weer en dat is -spijtig genoeg- geen sprookje…

1ste gebeurtenis: de jaarwende 2013 – 2014: Laurent Louis (info!) bereikt met zijn beweging “Debout Les Belges” zijn hoogtepunt. In een zaaltje van het federale parlement verzamelt hij een flink aantal volgelingen. Hij laat uitschijnen dat de Holocaust fel gerelativeerd kan worden, zo niet ontkend.
Zíjn conclusie: de huidige economische en maatschappelijke malaise is de schuld van het wereldwijde zionisme, de leer die stelt dat Joden streven naar een eigen staat. Het zionisme, aldus Louis, beheerst de wereld, onderdrukt moslims, knecht ontwikkelingslanden en perverteert samenlevingen.

2de gebeurtenis: 24 mei 2014. Mehdi Nemmouche, een Fransman van Algerijnse origine, dringt het Joods museum in Brussel binnen en opent er het vuur. Vier personen sterven. Achtergrond: Nemmouche vocht in Syrië, maar bleef onzichtbaar voor de veiligheidsdiensten. Waar en wanneer en waarom werd deze man geradicaliseerd? Hoe velen zijn er nog als Nemmouche? Dat weet men eigenlijk niet.

3de gebeurtenis: juni 2014. Dyab Abou Jahjah (info!) stelt zijn boek “De stad is van ons” voor. Het is een ‘manifest van een nieuwe meerderheid’, waarmee Abou Jahjah bedoelt: een alliantie tussen politiek links-progressieve krachten, gematigde moslims, mensen die de superdiversiteit omarmen en mensen die het Westen waarin ze zijn opgegroeid, met zijn geschiedenis, normen en waarden en zijn nationale tradities, niet meer als ijkpunt van de wereld beschouwen. Deze meerderheid krijgt vorm in de steden, en vooral in Brussel, zo stelt Abou Jahjah.

4de gebeurtenis: juli 2014. Na de ophef die er in Israël is ontstaan bij de moord op drie Israëlische tieners door Palestijnen, regent het vergeldingen aan beide zijden van de Israelisch-Palestijnse grens. Een Palestijnse tiener wordt vermoord door joodse kolonisten, waarop raketten richting Israël worden gelanceerd. Waarop de Gazastrook wordt geviseerd door het Israëlische leger. Het blijft geen ‘zaak, ver van ons bed’, want op Facebook laten verschillende Brusselse politici – hoofdzakelijk moslim en/of (extreem)links – hun verontwaardiging over het lot van de Palestijnen blijken. Vaak met oproepen om Israëlische producten te boycotten.

Er broeit duidelijk iets in Brussel, de rode draad in deze gebeurtenissenreeks…

Brussel naderbij bekeken – een beeld van onze maatschappij

In Brussel wonen veel immigranten, of kinderen van immigranten. Bij vele moslims onder hen zijn de Joden niet geliefd. Dat toonde alvast onderzoek aan van socioloog emeritus Mark Elchardus van de Vrije Universiteit Brussel. Hij voerde de voorbije jaren onderzoek naar antisemitisme bij scholieren van de tweede en derde graad in Brussel, Gent en Antwerpen. De resultaten zijn duidelijk: van de niet-moslims is om en bij de tien procent antisemitisch, bij moslimjongeren is dat 45 tot 50 procent. Hij zegt: “Wat sociologisch zo mogelijk nog interessanter is, is dat er bij de niet-moslims een duidelijk verband bestaat met sociale achtergrond. Hoe armer of precairder hun situatie, hoe sterker antisemitisch. Bij moslims daarentegen is er geen aantoonbaar verband tussen sociale achtergrond en wantrouwen tegenover Joden. Het maakt met andere woorden niet uit of ze arm of rijk zijn, of hun ouders hoogopgeleid zijn of niet. Dus kunnen we concluderen dat het antisemitisme heel sterk samenhangt met hun religieuze identiteit.” “Daarmee zeg ik dus niet dat een moslim per definitie antisemitisch is, laat staan dat antisemitisme inherent zou zijn aan die godsdienst,” zo verduidelijkt Elchardus met klem. “Ik zeg daarmee dat, als je een traditionele moslim bent, de kans vandaag groot is dat je antisemitisch bent.”

Op 26 januari van dit jaar spreekt onze premier Charles Michel in de grote synagoge in Brussel. Hij zegt dat de strijd tegen het antisemitisme heeft gefaald. Het antisemitisme zit in een dramatische spiraal. De cijfers bewijzen deze uitspraak: in 2014 werden 60% meer antisemitische daden gepleegd. Hij verwijst naar de aanslag op het Joods museum van mei vorig jaar, naar de gebeurtenissen in Laken, waar de jonge Sarah het atheneum Emile Bockstael verliet omwille van het antisemitische gepest van haar medeleerlingen. Zij was de laatste joodse leerling op die school. Enkele maanden geleden gooide iemand stenen op een autobus met joodse kinderen op weg naar Antwerpen. En dan dit: “Dames en heren, U bevindt zich op de trein naar Auschwitz. Alle Joden worden verzocht om uit te stappen om een kleine douche te nemen”. Dat kregen de treinreizigers te horen op de lijn Brussel-Luik op 31 januari 2014 via de omroepinstallatie in de trein. De trein naderde op dat ogenblik het station van Ottignies. De NMBS bevestigde de feiten. Een Joodse passagier aan boord van deze trein meldde het incident aan de Brusselse MR-politica Vivivane Teitelbaum. Teitelbaum plaatste het relaas van dit recente voorval op haar blog waarna een andere reiziger haar liet weten dat dit soort “plaisanteries” vaker te horen zijn op deze treinverbinding. “Blijkbaar hebben de jongeren dus een sleutel waarmee ze zich toegang kunnen verschaffen tot de kast met de omroepinstallatie”, klinkt het. In het voorjaar van 2012 was er een soortgelijk incident op deze trein toen de passagiers te horen kregen dat ze welkom waren op de trein met bestemming Auschwitz en dat alle Joden verzocht werden om uit te stappen in Buchenwald. De NMBS beloofde toen maatregelen te nemen om herhaling te voorkomen. Veel is daar niet van in huis gekomen…

Zoveel andere soortgelijke feiten tonen dat het dodelijke gif van het antisemitisme zich in de maatschappij heeft verspreid. Dit heeft tot gevolg dat in België 40% van de Joden eraan denkt om het land te verlaten. In Nederland en Frankrijk bestaan dezelfde tendensen.

Islam(isme): een woord van waarschuwing

Een lange lijst islamitische persoonlijkheden en organisaties kwamen samen naar aanleiding van ‘de dramatische actualiteit’ (lees: aanslagen moslim-extremisten). Uit hun bijeenkomst kwam dit charter, waarin ze stelling innemen tegen radicalisering en geweld, maar ook assertief hun plaats in België en Europa opeisen. http://www.knack.be/nieuws/belgie/letterlijk-de-verklaring-van-belgische-moslims-tegen-radicalisering-en-voor-burgerschap/article-normal-528631.html

Vooral het tweede groene kader waarin ze hun “eisen” duidelijk maken, doet me rillen.

Graag geef ik hieronder een artikel, geschreven door Bassam Tibi (info!), mee.

(Uit: NRC HANDELSBLAD zaterdag 22 januari 2004 – Verdedig uw democratie met alle middelen)

Islam of Islamisme? Waarvoor kiest democratisch Europa?

Wat men kan verwachten is dat Europa wel tolerant is tegenover de Islam, maar niet tolerant zal zijn (of blijven) tegenover islamisme. Europeanen zijn niet voorbereid op het islamisme.

In de debatten wordt nog steeds gereageerd alsof aanslagen, of pogingen hiertoe, het werk zijn van ontspoorde individuen. Men begrijpt niet dat de politieke islam een brede beweging is en een vijand van de open Westerse samenleving. Tegenover de islam als religie kun je tolerant zijn, die predikt vrede en begrip. Maar het islamisme is een politieke ideologie, die de spelregels van het pluralisme niet erkent. Bijvoorbeeld de regel dat u en ik verschillende meningen kunnen hebben, maar dat wij elkaar desondanks respecteren. De toenemende islamisering van moslimjongeren is een bedreiging voor de binnenlandse veiligheid in West-Europese landen.

Moslimkinderen moeten hiertegen worden beschermd. Dat kan alleen als ze islam-onderwijs krijgen dat zich oriënteert op de grondwet, op Westerse waarden als pluralisme, de scheiding van kerk en staat, individuele mensenrechten. Waarom de oorlog in Irak het islamisme versterkte? Hoe blij ik ook ben dat het regime van Saddam Hussein omvergeworpen is, de wonden die de val van Bagdad in de wereld van de islam heeft achtergelaten, moeten niet worden onderschat. De val van Bagdad is door de hele moslimwereld, niet alleen door de islamisten, als een nederlaag beschouwd. Zij zagen het als de ‘christelijke’ verovering van wat ooit de belangrijkste islamitische hoofdstad was, zetel van de grote kalief Harun al-Rashid. Zelfs gematigde moslims spraken van een ‘oorlog tegen de islam’. Ook ik leerde op school in Damascus dat het Westen ‘op onze kosten’ groot geworden is. Als het Westen er niet was geweest, zou de islam de dominerende wereldbeschaving gebleven zijn. In de 16e eeuw kregen de islamistische jihadlegers bij hun expansie in Europa de ene na de andere nederlaag te verduren omdat West-Europa over moderne wapentechnologie beschikte. De islamitische verovering van Wenen in 1683 mislukte. Met de verovering van Cairo door Napoleon (1798) werden de rollen omgedraaid: de jihad veranderde van en veroveringsoorlog in een verdedigingsoorlog tegen ‘de Westerse waarden’.De neo-jihad die de islamisten nu voeren is niet te begrijpen zonder deze voorgeschiedenis. Het islamitische anti-amerikanisme vindt zijn wortels in het afwijzen van het Westen. In Irak zijn de opvattingen van de vermoorde ayatollah al-Hakim, die een islamitische staat wilde opbouwen, veel populairder dan de opvattingen over democratie. Bush en zijn adviseurs hebben dit niet begrepen. Ze hebben Irak van Saddam ontdaan zonder met het islamisme rekening te houden. In plaats van het islamisme in te dammen, hebben ze het versterkt.

Islamisme is nazisme.

Hannah Arendt ziet het totalitarisme niet alleen als een vorm van heerschappij, maar ook als een populistische beweging. Het islamisme is even totalitair als de nazi-ideologie of het communisme van Stalin. Alles wordt ondergeschikt gemaakt aan een staatsidee waarbij de staat als een dictatuur is ingericht. De politieke islamisten jagen het doel na om de wereldorde met vrijheid van godsdienst, die in Europa is ontstaan met de vrede van Westfalen (1648), te vervangen door een Pax Islamica. Een Gottesstaat, gebaseerd op Gods wetten (de sharia). Het islamisme is effectiever en gevaarlijker dan bijvoorbeeld het marxisme, omdat het op politisering van religie is gebaseerd en niet op economische ongelijkheid, waar je iets aan kunt doen. Bovendien wordt het gebruik van geweld religieus gelegitimeerd.

Hoe te ageren tegen de opmars van politieke islam in Europa?

Ik pleit voor een dubbele strategie: afweer van de expansieve jihad-islam en een dialoog met de vreedzame islam. Een van de elementen waar Hannah Arendt ook op heeft gewezen is dat wanneer mensen zich verlaten voelen, of om welke reden dan ook worden uitgestoten, ze vatbaar zijn voor totalitaire ideeën. Daarom is het essentieel dat onder moslims een Europese islam tot ontwikkeling komt op basis van westerse grondwaarden. Dat vereist niet alleen inspanningen van migranten zelf, ook van de Europeanen. Ik zie twee scenario’s voor me in Europa, die gelden ook voor Nederland. Het positieve scenario is dat nieuwe generaties integreren, met een Europese islam. Lukt dat niet, dan voorzie ik grote spanningen. Als de groeiende groep moslimjongeren zich in West-Europa niet thuis voelt, geen aansluiting vindt, sociaal gemarginaliseerd raakt, dan worden ze ontvankelijk voor de ideologie van de politieke islam. Duitsland telt al zo’n 100.000 islamisten. Ook in Frankrijk groeit hun aanhang. Binnen 10 jaar zullen deze “No future kids” zich gaan wreken.

Ik wil kort reageren op het charter van 22 januari 2015 en op het artikel van Tibi, ondertussen ook alweer meer dan 10 jaar geleden geschreven.
Het is goed om al deze informatie mee te krijgen, maar waar wringt het schoentje?
Het is goed gewaarschuwd te worden voor het islamisme, maar ik ben niet akkoord met Tibi als hij over een vredelievende islam spreekt (“Tegenover de islam als religie kun je tolerant zijn, die predikt vrede en begrip.”) Dat is juist het grote gevaar waarvoor ik wil waarschuwen. Een vredelievende islam bestaat niet. Ik geef u een stukje uit een artikel mee dat te vinden is op de website www.inbijbelsperspectief.nl en dat duidelijke taal spreekt:

Moslimgoedpraters en de hadith.
‘In het kort gezegd bevat de hadith, of soennah, de verslagen van zowel de woorden als de daden van de profeet Mohammed. Met andere woorden: de Koran is ‘zo zegt Allah’, en de Hadith is ‘zo zegt Mohammed’. Het begrijpen van de hadiths is cruciaal bij het debatteren met moslimgoedpraters. Iedere keer als een niet-moslim begint over het islamitische terrorisme, reageert de doorsnee moslimgoedprater steevast met ‘laat me één tekst in de Koran zien waar geweld wordt gepredikt.’ Dit is een veelgebruikte tactiek om Westerlingen af te schepen, want welke tekst vervolgens ook gegeven wordt, deze wordt weggeredeneerd als zijnde ‘zelfverdediging’, of als geboden die enkel voor één bepaalde gebeurtenis golden.’ ‘Met andere woorden, alle geboden in de Koran die moslims oproepen om geweld te plegen zijn verouderd en niet langer toepasbaar. Dit is echter pure misleiding, om de jihad een humaan gezicht te geven!! De eerste reactie op zo’n vraag zou namelijk altijd deze vraag moeten zijn: ‘Beschouwt u Mohammed als de beste autoriteit voor het interpreteren van de Koran?’ Oftewel: Is de hadith gezaghebbend voor moslims? Dit is een onmogelijkheid, want als een moslim de autoriteit van de Hadith ontkent, ontkent hij de autoriteit van Mohammed als de profeet.’ ‘Heel vaak zal de zich in allerlei bochten wringende moslimgoedprater beweren dat hij veel teksten in de Hadith niet gelooft, vooral niet de teksten die u aanhaalt in de discussie over geweld. Deze discussie zal echter altijd eindigen als het volgende, krachtige vers uit de Koran wordt gegeven: ‘O gij die gelooft, gehoorzaam Allah en gehoorzaam zijn boodschapper en degenen met autoriteit onder u. Als u ergens een meningsverschil over krijgt, verwijs dan terug naar Allah en zijn boodschapper, als u gelooft in Allah en de Laatste Dag…’ (Koran 4:59). Iedere moslim die dus de hadith ontkent, ontkent niet alleen het gebod van Allah, maar ook Allah zelf! Dit is te vergelijken met een christen die het Nieuwe Testament ontkent. ‘In werkelijkheid ontkennen deze draaiende moslimgoedpraters helemaal niet de Hadith. Ze ontkennen het alleen in uw gezicht. Slechts weinig Westerlingen beseffen dat het moslims is toegestaan de waarheid te verhullen als ze met niet-moslims praten. De soennah is net zo belangrijk voor een moslim als het Nieuwe Testament voor een christen. ‘De soennah is naast de Koran alles dat van Allahs boodschapper kwam. Het verklaart en geeft details voor de wetten die in de Koran worden gevonden’ (de soennah over de soennah zelf). Geen enkele serieuze moslimgeestelijke ontkent de 200-plus geboden in de hadith, waarin niets minder dan de jihad met het zwaard wordt gepromoot, inclusief plotselinge invasies, met als enige doel het verspreiden van de aanbidding van Allah.’ ‘Onthoud dat het verschil tussen het christendom en de islam in één zin is samen te vatten: Het christendom is Calvary (Golgotha), de islam is Cavalry (cavalerie, oftewel: militaire ruiterij). Het doel van Mohammed, de khalifa, de Mahdi en alle gehoorzame moslims is het bereiken van maar één ding, en dat is de verspreiding van de enige glorie van Allah als de opperste god door middel van de jihad en oorlog, totdat er niemand meer is die niet wil zeggen dat er geen god buiten Allah is, en Mohammed zijn boodschapper is.’(Geschreven door Walid Shoebat, een voormalige Palestijnse terrorist die zich bekeerde tot het christendom.)

Gods zegen

Mag de Heilige Geest werken in uw hart, u verlichten en wijsheid schenken, en inzicht in deze ernstige materie geven.

Gods zegen toegebeden.

Nog enkele begrippen

Bronnen: www.InBijbelsPerspectief; Joods Actueel; Wikipedia; Knack, …

Holocaustontkenning in de wet
In België en Nederland is het bagatelliseren, ontkennen of goedpraten van de Holocaust verboden. In Nederland heeft de Hoge Raad in 1995 (in de zaak tegen Siegfried Verbeke) bepaald dat Holocaustontkenning valt onder het discriminatieverbod en dus strafbaar is volgens de artikelen 137c en 137e van het Wetboek van Strafrecht. Regelmatig wordt door het Meldpunt Discriminatie Internet tegen bepaalde uitingen van revisionisme op internet opgetreden. Sinds 1995 kent ook België wetgeving waarin specifiek het ontkennen van misdrijven tegen de mensheid of het ontkennen van de genocide door de nazi’s strafbaar gesteld wordt. In Duitsland wordt het openbaar ontkennen van de Holocaust naar §130 van het Duitse strafwetboek strafbaar gesteld. Ook in Canada, Frankrijk, Hongarije, Israël, Litouwen, Nieuw-Zeeland, Oostenrijk, Polen, Slowakije, Zuid-Afrika en Zwitserland is Holocaustontkenning strafbaar. In de Verenigde Staten kan Holocaustontkenning niet vervolgd worden omdat het eerste amendement van de grondwet daar zwaarder weegt dan het recht op bescherming tegen discriminatie (het 15e amendement). Op 20 februari 2006 werd David Irving in Oostenrijk veroordeeld tot een gevangenisstraf van 3 jaar omdat hij tijdens een aantal lezingen in 1989 het bestaan van gaskamers had ontkend. Sommige mensen die de Holocaust niet ontkennen, zoals Noam Chomsky, zijn desondanks tegen een verbod en vinden dat net als in de VS de vrijheid van meningsuiting zwaarder zou moeten wegen. Dit leidde tot een rel toen Serge Thion een van Chomsky’s essays gebruikte als een voorwoord van een boek met Holocaustontkennende essays.
In 2009 stelde de fractieleider van de VVD, in Nederland, Mark Rutte voor de ontkenning van Holocaust in principe toe te staan onder de vrijheid van meningsuiting, wat tot wijdverbreide kritiek leiddehttp://nl.wikipedia.org/wiki/Holocaustontkenning.

Vrijheid van meningsuiting is de vrijheid van burgers om hun overtuigingen kenbaar te maken, zonder voorafgaande controle door de staat. De vrijheid van meningsuiting is niet absoluut, net als de meeste andere grondrechten. Zo zijn belediging en smaad onder bepaalde omstandigheden strafbaar. Vrijheid van meningsuiting wordt vaak beschouwd als een integraal concept in democratieën. De vrijheid om zonder angst voor vervolging je mening te kunnen uiten staat expliciet vermeld in de Universele verklaring van de rechten van de mens. http://nl.wikipedia.org/wiki/Vrijheid_van_meningsuiting. De wettelijke beperkingen op meningsuiting kunnen per rechtsstaat verschillen. Het Nederlandse strafrecht richt zich tegen smalend taalgebruik en aanzetten tot haat, belediging van gezagsdragers en het verspreiden van leugens (laster en smaad), maar minder of niet tegen obsceniteit of schendingen van goede smaak.
In haar kersttoespraak van 2006 benadrukte de Nederlandse Koningin Beatrix dat de vrijheid van meningsuiting haar grens vindt waar de rechten van anderen beginnen: vrijheid van meningsuiting is geen vrijbrief om te beledigen. “Wie anderen beschimpt verliest zelf geloofwaardigheid; het onbeheerste woord schiet zijn doel voorbij.” Argumenten als deze klinken steeds weer als er gevallen van provocerend taal- of beeldgebruik in de aandacht staan. Volgens het Europees recht ligt het anders: de vrijheid van meningsuiting omvat volgens het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens óók het recht om te beledigen. Het EHRM (Europees Hof voor de Rechten van de Mens) heeft aangegeven hoe ver het recht van vrijheid van meningsuiting nu eigenlijk gaat (EHRM 24 februari 1997, de Haes and Gijsels v. Belgium, en eerder in EHRM 26 april 1979, Sunday Times):
The Court reiterates that the press plays an essential role in a democratic society. (…) freedom of expression is applicable not only to ‘information’ or ‘ideas’ that are favourably received or regarded as inoffensive or as a matter of indifference, but also to those that offend, shock or disturb the State or any section of the community. In addition, journalistic freedom also covers possible recourse to a degree of exaggeration, or even provocation (…).
Volgens het Europese Hof voor de Rechten van de Mens vindt de vrijheid van meningsuiting dus niet haar beperking daar waar anderen verontrust, gekwetst of gechoqueerd worden. Volgens het Scientology-arrest gaat art. 10 EVRM zelfs zo ver dat dit artikel het auteursrecht opzij kan zetten: het auteursrecht kan in uitzonderlijke gevallen in strijd zijn met de mensenrechten.

Artikelen 19 en 25 van de Belgische Grondwet
Belgische grondwet – De Belgen en hun rechten (Wikisource)

België kent van bij de omwenteling van 1830 een uitgesproken vrijheid van drukpers en vrijheid van eredienst. Preventieve censuur is absoluut verboden en het bestraffen van zogenaamde drukpersmisdrijven is praktisch zeer moeilijk. Die zijn namelijk toegewezen aan een assisenhof met een volksjury. Karl Marx, Multatuli, Proudhon en Victor Hugo hebben in hun tijd deze Belgische tolerantie weten te waarderen en kwamen in Brussel schrijven en publiceren als het in hun eigen land te warm werd. Er werden nauwelijks opiniemisdrijven bestraft, tussen 1941 en 1994 bijvoorbeeld geen enkel, ook niet wegens laster of belediging van buitenlandse staatshoofden. De repressie na de Tweede Wereldoorlog sloeg enkel op staatsvijandige daden, niet op meningen. Fascistische drukwerken werden meteen weer “getolereerd”. Rechtszaken omtrent vrije meningsuiting waren er dan ook bijna uitsluitend voor de burgerlijke rechtbanken, bijvoorbeeld wanneer een krant weigerde een recht van antwoord te publiceren of wanneer iemand meende recht op een schadevergoeding te hebben voor lasterlijke beweringen. Soms ondernam het gerecht een poging om een journalist te vervolgen wegens heling (van gestolen informatie) of schending van het geheim van het gerechtelijk onderzoek. Meestal had dit geen succes, maar het onderzoek zelf, bijvoorbeeld een huiszoeking op de redactie, kan wel intimiderend zijn ten overstaan van de persvrijheid. In samenhang met het EVRM kan men stellen dat de Belgische grondwet meer ruimte laat voor politieke meningen en dat het EVRM soms meer ruimte laat voor zogenaamd zedenschennende afbeeldingen, die geheel niet onder de Belgische persvrijheid vielen. Door de gezamenlijke werking van de beide wettelijke bronnen, geldt nu in België telkens die regel die het minste beperkingen oplegt. Aan die opvallende Belgische tolerantie is in zekere zin in 1999 een einde gekomen. In dat jaar werd artikel 150 van de Grondwet gewijzigd, zodanig dat persmisdrijven die door racisme en xenofobie ingegeven zijn niet meer door een assisenhof maar voor een gewone rechtbank met beroepsrechters beoordeeld worden. Het was de eerste grondwetswijziging sinds 1830 in verband met de meningsvrijheid, en dan nog in beperkende zin. Dat bleek vrij snel toen kort nadien het Vlaams Blok vervolgd werd, niet door het Openbaar Ministerie maar door een rechtstreekse dagvaarding van het Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding, een initiatief van de regering, en de Liga voor Mensenrechten, een privé-initiatief. Bij een rechtstreekse dagvaarding voor een strafgerecht worden de bewijzen niet verzameld door de justitie, maar door de benadeelde, een uitzonderlijke procedure in het Belgische strafrecht. Drie VZW’s, zelfstandige deelorganisaties van de partij, werden veroordeeld voor medewerking aan de verspreiding van een strafbare mening. Door deze evolutie weigert nu ook De Post soms een drukwerk te verspreiden met het argument dat “medewerking” kan gestraft worden. Vrijheid van meningsuiting is nooit een legitimatie geweest voor onjuiste uitlatingen of laster ten opzichte van privé-personen of gehele groeperingen in de samenleving. Maar de nagenoeg onaantastbare Belgische grondwettelijke bescherming is opgeheven en ingevuld door de antiracismewet. In 2011 verbood het Europees hof de zogenaamde “preventieve censuur”, een praktijk waarbij een rechter na een klacht van een betrokkene op eenzijdig verzoekschrift, een uitzending op televisie kon laten verbieden of een dag- of weekblad uit de handel kon laten verwijderen.
Het satirisch blad Je suis Charlie gebruikt (ik vind misbruikt) het recht op vrije meningsuiting om onbeperkt en schaamteloos het ‘geloof’ op de korrel te nemen. Vaak zijn hun cartoons echt beledigend en grof en verdienen de term humor niet. Dit soort van beledigingen met de vlag van het recht op vrije meningsuiting willen dekken, is er voor mij over…

Islamisering
Islamisering of islamificatie is het proces van de omvorming van een samenleving naar de islamitische religie, cultuur en wetgeving.

Zeke